Indien je gebruik maakt van de module Vaststellingen zijn er enkele instellingen mogelijk.


Via dit beheersmenu kan je nieuwe vaststelling types toevoegen of bestaande wijzigen. 



Hierbij kan je volgende parameters instellen:



  • Algemeen
    • Naam: naam van het vaststellingstype
    • Afdeling: hiermee duidt je de verantwoordelijke afdeling aan. Wanneer een nieuwe vaststelling wordt aangemaakt voor dit type, zullen we de validatie taak toewijzen aan een gebruiker binnen deze afdeling met de juiste gebruikersrollen.
    • Actief: met deze setting kan je een type activeren of deactiveren. Gedeactiveerde types zijn niet meer beschikbaar bij het aanmaken van een nieuwe vaststelling. Deze kunnen later altijd opnieuw geactiveerd worden met behoud van alle overige instellingen.
    • Regularisatie toelaten: hiermee bepaal je of de dossierbehandelaar tijdens de validatie van deze vaststelling een mogelijkheid tot regularisatie kan uitsturen naar de overtreder.
    • Intern type: hiermee bepaal je of dit vaststellingstype enkel kan worden gebruikt door interne gebruikers of ook kan worden gebruikt door externe gebruikers.


  • Contact 
    • Overtreder: hier kan je aanduiden of er gevraagd wordt naar de contactgegevens van de overtreder en of deze verplicht moeten worden opgegeven. Een begeleidende helptekst kan ook toegevoegd worden. 


Wanneer je een vaststelling aanmaakt of een controle taak afrond, zal er altijd een type moeten worden aangeduid.